Gilgamesh


De laatste tijd heb ik me verdiept in de eerste beschavingen, zoals die van het oude Sumer. Zo stootte ik op muziek van de Brit Peter Pringle, die op zijn eigen manier een van de oudste overgeleverde verhalen van de mens tot leven brengt: het epos van Gilgamesh. Het is fascinerend om woorden en gedachten van 5000 jaar geleden weer te horen klinken. Ik stel me voor hoe dit ooit gezongen werd aan het hof van Uruk, een van de oudste en belangrijkste steden van Mesopotamië, gelegen aan de (toenmalige loop van de) Eufraat in het zuiden van het huidige Irak.

Dit eerste fragment greep me puur door de muzikale kracht en het epische woordgebruik, waar ik best van houd. Ik was op slag betoverd, en enkele dagen later had ik het volledige epos van Gilgamesh gelezen (in een Nederlandse vertaling, niet in het Sumerisch) — ik wilde er meteen alles over weten. Boeiend!

The Epic Of Gilgamesh In Sumerian:

 

Het tweede fragment is iets langer en complexer, maar misschien nóg mooier: de klaagzang waarin Gilgamesh treurt om de dood van zijn boezemvriend Enkidu. Peter Pringle zingt daarin als Gilgamesh zelf, en wel als een huilende vrouw — precies zoals de tekst het suggereert. Het gaat door merg en been. Voor mij hoort deze klaagzang thuis in de galerij der Groten over het verlies van een liefdesband: ik denk aan Purcell’s Dido en Aeneas, de klaagzang van de nimf van Monteverdi, W. H. Auden of Egidius. Ze gaan uiteindelijk allemaal over datzelfde universele verdriet, dat tijd en ruimte overstijgt. Met deze oeroude tekst en muziek wordt dat eens te meer bewezen.

Like a wailing woman, I shall lament him bitterly.

Gilgamesh’ Lament for Enkidu: